Recent Bloggers

Ruud Kluivers

Staff
16 Publications
5 mars 2015

James Falkner

Staff
103 Publications
3 mars 2015

Shannon Chang

Staff
2 Publications
3 mars 2015

Fady Hakim

Staff
5 Publications
1 mars 2015

Andrea Di Giorgi

4 Publications
27 février 2015

David Kubitza

3 Publications
27 février 2015

Brett S. Kobold

Staff
1 Publications
26 février 2015

Angela Wu

Staff
5 Publications
26 février 2015

Jorge Ferrer

Staff
60 Publications
25 février 2015

Jose M. Navarro

Staff
3 Publications
22 février 2015

Koppelverkoop is duurkoop

Company Blogs 5 mars 2015 Par Ruud Kluivers Staff

Als een softwareleverancier gratis aanvullende producten gaat leveren, dan moeten er bij de klant alarmbellen gaan rinkelen. Ergens wordt er dan iets te veel betaald. Ik merk met de regelmaat van de klok dat grote softwareaanbieders met een breed productenportfolio de klant in de val probeert te lokken. Het klinkt leuk: je krijgt immers ogenschijnlijk meer waar voor je geld. De keerzijde van deze koppelverkoop is dat je als klant niet kiest op basis van functionaliteit en de wetenschap dat het product inderdaad de juiste keuze is. En dan vinden we het gek dat IT-projecten niet opleveren wat je als klant er van mag verwachten. Koppelverkoop is duurkoop.

Het is een beproefde salestechniek: klanten paaien met korting op met ‘gratis’ bundeling van additionele producten. Veel mensen zijn geneigd om hier op in te gaan. Niemand wil immers zo’n ogenschijnlijke buitenkans mislopen. Maar als je er objectief naar kijkt, dan is het eigenlijk heel vreemd. Want waarom zou je nog meer producten van dezelfde leverancier afnemen als je niet tevreden bent met de prijs van het geleverde product? Koppelverkoop is maar voor één partij interessant en ik kan verklappen dat het niet de klant is. Koppelverkoop is het toonvoorbeeld van een verouderd software-businessmodel, en wordt vaak als middel gebruikt om marktaandeel kunstmatig op niveau te houden en de klant op een verkeerde manier aan je te binden.

Sales versus service
In de huidige softwaremarkt is er een beweging van licentieverkoop naar abonnementen. U denkt daarbij misschien aan cloud-gebaseerde diensten, maar vergis u zich niet in de toenemende populariteit van abonnementen op open source software-oplossingen. Kenmerkend van open source software is natuurlijk de openheid. Juist dat is cruciaal om de interactie tussen en integratie van verschillende systemen van uiteenlopende smaken en producenten mogelijk te maken. Dat bevordert immers zaken als efficiënter werken en het flexibel kunnen automatiseren van processen.
Het software-ecosysteem van een bedrijf is als het goed is een vertaling van het bedrijfsmodel en zou moeten bestaan uit zorgvuldig gekozen producten en oplossingen die het beste aansluiten op de business-behoeften en de bijdrage aan de business-value.

Wie nu denkt dat producten uit een software-stack (Operating System, Database, Applicatie Server, Identity Management Systeem en Business Applicatie ) van een enkele leverancier bijdragen aan de business-value die je als organisatie zoekt, komt bedrogen uit. De nauwe afstemming van de componenten in de stack heeft maar één doel: gedwongen winkelnering bij de softwareleverancier. Zo worden klanten verleid met bundels en beloften om voor een allesomvattende software-stack te kiezen, met alle gevolgen van dien voor de noodzakelijke openheid en integratiemogelijkheden met producten van andere leveranciers.
Een traditioneel softwarebedrijf zal altijd zoveel mogelijk en zelfs uitsluitend eigen producten aanprijzen. Klant en softwareleverancier hebben hier een tegengesteld belang.

Klanttevredenheid
Volgens mij zijn abonnementsmodellen voor software de toekomst. Geen ingewikkelde en ondoorzichtige licentiestructuren en geen salesgedreven koppelverkoop, maar software die voor een vast bedrag per maand of per jaar volledig gebruikt mag worden. Dat leidt tot een eerlijke, transparante en oprechte manier van zaken doen. De klant doet immers een persoonlijke investering in de implementatie en het gebruik van een bepaald product voor langere tijd. Als klant mag je daarom van de leverancier verwachten dat die zich inzet om de klant voor langere tijd tevreden te stellen. En als de klant niet tevreden is, of teleurgesteld raakt in de gedane beloften, dan heeft hij natuurlijk altijd de vrijheid om zijn abonnement op te zeggen en dus niet te verlengen. Die keuze is voor een klant een stuk moeilijker als er softwarelicenties zijn aangeschaft, zeker als men in de fuik van een eenkennige software-stack en koppelverkoop is gezwommen.

Klanttevredenheid staat bij open source softwareleveranciers op nummer één, want dit is het enige instrument waarop gestuurd kan worden. Dat zie je onder andere terug in de prijs-kwaliteitsverhouding de functionaliteit van het product, maar het vertaalt zich ook naar een gevoel van keuzevrijheid bij de klant, voor het geval dat de software toch niet bevalt.

Bij een softwaremodel met abonnementen streeft de leverancier naar een lange termijnrelatie met zijn klant. Dat is per definitie moeilijk te verenigen met koppelverkoop. Iets om te onthouden als u weer eens een ‘interessante’ package-deal wordt aangeboden.

Deze blog verscheen ook op www.blogit.com

Doelgroep-targeting verbetert de conversie van bedrijfswebsites

Company Blogs 3 mars 2015 Par Ruud Kluivers Staff

Een bedrijfswebsite mag niet enkel een digitaal uithangbord zijn. Het is bij uitstek een platform om te verbinden met partners, klanten en uiteraard potentiële klanten. Zo’n diverse doelgroep vereist echter een gepersonaliseerde aanpak en dat los je niet op met een paar extra menu-items. Doelgroep-targeting is een sterk opkomende techniek om websitebezoekers gepersonaliseerde content te laten zien om zo hun betrokkenheid bij je bedrijf te vergroten.

Als je de bezoekers van je website blijvend wilt boeien, dan is een enkel content-hitje niet genoeg. Om hun interesse vast te houden, moet je hen de juiste content op het juiste moment aanbieden. Dit heet ook wel audience engagement. Op basis van die content ga je vervolgens een online conversatie aan met de bezoeker door zijn interesse te peilen en hem steeds nieuwe content aan te bieden die waardevol voor hem is en aansluit op zijn customer journey.

Persoonlijke ervaring
Om aan te kunnen sluiten op de customer journey van je klanten moet je in staat zijn om de bezoekers van je website een persoonlijke ervaring te bieden. Dit doe je met een op maat gesneden aanbod van relevante en aansprekende content, dat dynamisch voor hen wordt aangemaakt. Het gebruikte webplatform moet hier uiteraard ondersteuning voor bieden, maar dat is niet alles. Om de volledige customer lifecycle te bedienen, heb je een geïntegreerd systeem nodig dat informatie uit meerdere bedrijfssystemen kan combineren om een zo compleet mogelijk beeld te krijgen van je prospects en hun wensen. Bedrijven die zowel de technologie als de expertise in huis hebben om dit te doen zijn nog schaars, maar er komen wel steeds meer kant-en-klare tools beschikbaar die hen daarbij kunnen helpen.

Van prospect naar klant
Bij steeds meer bedrijven begint het besef door te dringen dat hun website een veel centralere rol moet krijgen binnen de organisatie. Het mag geen online visitekaartje of digitaal uithangbord zijn, maar de bedrijfswebsite moet het primaire platform worden voor zowel externe interactie als hun interne bedrijfsprocessen. Een eenvoudige website is dan niet toereikend, en wordt daarom veelal vervangen door een volwaardige webportal. Zo’n platform biedt wel de juiste integratiemogelijkheden om een dergelijk geïntegreerd systeem te creëren. Zo kun je grote stappen maken op het gebied van doelgroep-targeting en ben je in staat om content op maat te genereren voor elke terugkerende bezoeker op je website. Dat gaat veel verder dan enkel het verzamelen van prospects, wat vrij gangbaar is in standaard contentmanagemensystemen. Maar de resultaten zijn er wel naar. Door gerichter in te spelen op de wensen van je potentiële klanten vergroot je de conversie van je website enorm.

Deze blog verscheen ook op www.blogit.nl

Uber, of: Amerikaanse lessen in disruptie en innovatie

Company Blogs 3 mars 2015 Par Ruud Kluivers Staff

In december was ik enkele dagen te gast in mijn favoriete Amerikaanse stad, San Francisco. Als toerist reis je daar bij voorkeur met de karakteristieke ‘cable cars’, die zich op wonderlijke wijze door het heuvelachtige landschap voortbewegen. De taxi is echter een comfortabeler vervoermiddel, ook al valt daar in de VS nog het nodige aan te verbeteren. San Francisco bleek de ideale geboorteplaats voor Uber, het bedrijf dat de taxiwereld ontwrichtte.

In een redelijk compacte stad als San Francisco is de taxi het meest efficiënte en comfortabele vervoermiddel. Tenminste, als je een taxi weet te vinden. Zeker bij grote conferenties in het centraal in de stad gelegen Moscone Center zijn vraag en aanbod vaak totaal niet in evenwicht, met zeer lange wachttijden als gevolg. San Francisco is natuurlijk de geboorteplaats van de smartphone en de app-industrie en bleek de perfecte voedingsbodem voor Uber. Deze slimme startup vond een innovatieve oplossing voor het vervoersprobleem van San Francisco en is inmiddels wereldwijd actief.

Uber stemt vraag en aanbod op elkaar af
Tijdens mijn verblijf in San Francisco heb ik zelden langer dan drie minuten op vervoer hoeven wachten. Dit is volledig te danken aan Uber, een taxidienst die zowel met gele taxi’s als normale personenauto’s werkt, en waarbij de interactie met klanten en taxichauffeurs volledig via een mobiele app verloopt. In San Francisco is het aantal taxi’s met een Uber-logo op het dashboard ongekend. En niet zonder reden. Er zijn nauwelijks wachttijden, de chauffeurs zijn beschaafd en vriendelijk, de auto’s zijn schoon en je hebt bovendien geen gedoe met afrekenen. Ideaal!

Ook de chauffeurs zijn erg positief over de dienst. Ze hebben nauwelijks meer wachttijden tussen hun ritten en kunnen bovendien hun rijtijden aanpassen aan drukke of minder drukke verkeersmomenten. De chauffeurs hebben hierdoor meer controle over hun werktijden. Daarnaast zorgt marktwerking binnen Uber dat vraag en aanbod beter op elkaar aansluiten. Uber voert namelijk een hoger tarief in op momenten dat er meer vraag dan aanbod is. Zowel de consument als de chauffeurs kunnen daar vervolgens rekening mee houden. Ook dit is een win-winsituatie.

Stel de klant centraal
Zonder smartphones, gps en mobiel internet zou een dienst als Uber ondenkbaar zijn. Het laat echter perfect zien hoe met IT echte problemen opgelost worden en nieuwe businessmodellen kunnen ontstaan. Uber bewijst dat iedereen met een goed idee en de wil om de wereld te veranderen, bergen kan verzetten. Natuurlijk klaagt de gevestigde orde dat Uber op een oneerlijke manier met hun diensten concurreert. Dat is begrijpelijk, maar aan de andere kant: heeft de taxibranche zelf ooit een innovatief idee gelanceerd waar ik als consument profijt van heb gehad? Mijn sympathie gaat daarom meer uit naar een dienst als Uber, die je via de mobiele app vooraf een indicatie geeft van het tarief. Die je zonder gedoe de rekening laat delen met vrienden en medepassagiers en waardoor je niet langer langs de pinautomaat hoeft voor de betaling. De boodschap is duidelijk: breng je bedrijfsprocessen en dienstverlening bij elkaar in een flexibel webplatform en stel daarbij de klant centraal. Dan ben je als bedrijf onoverwinnelijk.

 

Deze blog verscheen ook op www.blogit.nl.

Is uw bedrijfswebsite al mobile-ready?

Company Blogs 3 mars 2015 Par Ruud Kluivers Staff

Vroeger was een bedrijfswebsite vooral een online visitekaartje, maar inmiddels is het een essentieel bedrijfsmiddel. Een website gebruik je voor klantcontact, dienstverlening op maat en conversie. Helaas gaan veel van deze inspanningen verloren als een bedrijf geen goede mobiele website heeft. Dat roept de vraag op: is uw bedrijfswebsite al klaar om mobiele bezoekers een goede gebruikerservaring te bieden?

Er wordt nog te veel gedacht dat zakelijk websitebezoek altijd via een browser op de pc plaatsvindt. Dat is een fabeltje, want we werken op steeds meer verschillende apparaten en op allerlei verschillende momenten. Dat geldt voor consumenten in het algemeen, maar ook voor uw stakeholders. Het ontwikkelen van een opzichzelfstaande mobiele website is niet handig. Een bedrijfswebsite met ondersteuning van ‘responsive design’ kan zichzelf automatisch aanpassen aan het gebruikte apparaat. Zo krijgen bezoekers via de pc, smartphone of laptop allemaal een gebruikersomgeving op maat. Daarnaast kan er ook specifieke content per apparaat aangeboden worden. Door die aanpak worden minder commerciële kansen gemist.

Solide gebruikerservaring bedrijfswebsite
Elke websitebezoeker verwacht een gebruiksvriendelijke omgeving, ongeacht het apparaat dat hij gebruikt. Doet hij bijvoorbeeld wat research op zijn tablet en werkt de website van een mogelijke leverancier niet prettig? Dan gaat hij op zoek naar een beter alternatief.
Het belang van responsive design werd onlangs benadrukt bij de uitreiking van de Henri Sijthoff-prijs van het Financieele Dagblad. Deze prijs is bedoeld voor Nederlandse beursfondsen die zich onderscheiden door hun financiële berichtgeving. Opvallend is dat dit jaar de Sligro Food Group de prijs won en niet één van de grote AEX-fondsen. Volgens Jungle Minds, het bureau dat het onderzoek voor de prijs uitvoerde, zijn middelgrote en kleinere beursfondsen aan een grote opmars bezig in de lijst. Inmiddels behoort de helft van de top 20 tot deze categorie. Eerder was dat nog slechts een kwart. Het online succes van deze kleinere beursfondsen wordt direct toegeschreven aan de lancering van responsive websites. Ook voor Sligro was dit de doorslagende factor.

Potentiële winnaars
Het mag duidelijk zijn dat goede financiële berichtgeving grote commerciële gevolgen kan hebben. De belangrijke rol van mobiele apparaten bij de consumptie van dit nieuws, geldt echter voor alle externe communicatie van bedrijven. Een bedrijfswebsite moet daarom standaard responsive zijn en daarnaast goed integreren met andere bedrijfssystemen. Dat is essentieel om snel de juiste informatie bij het websitepubliek te krijgen en hen gepersonaliseerde informatie aan te kunnen bieden. Een portal-platform is daarom een logischere keuze dan een standaard content management systeem (cms). Een portal biedt organisaties een modulair platform, dat allerlei integraties met bedrijfsapplicaties mogelijk maakt. Daarmee kunnen op een flexibele en kostenefficiënte manier responsive websites gebouwd worden, die veel meer diepgang hebben dan een standaard website. Met zo’n platform mis je geen commerciële kansen meer, maar kun je zelfs nieuwe kansen creëren.

Deze blog verscheen ook op www.blogit.nl

Open source leidt tot succesvolle IT-projecten

Company Blogs 3 mars 2015 Par Ruud Kluivers Staff

De samenleving is steeds afhankelijker van IT. Al onze persoonlijke gegevens en middelen liggen immers verankerd in systemen van de overheid, pensioeninstellingen, banken en hypotheekverstrekkers. En toch lezen we steeds weer dat veel grote IT-projecten bij deze instellingen falen. Open source software levert volgens mij de financiële en technologische transparantie op die nodig is om ons vertrouwen terug te winnen.

Door de vele negatieve berichten in de media over mislukte IT-projecten, zou je je bijna gaan schamen voor je vak. Het is soms moeilijk te bevatten hoeveel geld er verloren gaat aan ambitieuze IT-projecten die volledig falen of totaal niet opleveren wat ervan was verwacht. Zo blijkt uit het recent opgeleverde rapport over de IT-projecten van de overheid dat er jaarlijks maar liefst vijf miljard euro wordt verspild! Allemaal belastinggeld dat onnodig wordt verkwist. Daar zijn meerdere oorzaken voor, maar in essentie denk ik dat de oplossing – zeker voor de overheid – te vinden is in het gebruik van open source software.

Gunstige voorwaarden
Elk groot IT-project begint met een aanbesteding, en daar gaat het vaak al mis. In deze fase blijken veel organisaties zelf technologische keuzes te definiëren, ondanks hun gebrekkige IT-kennis. De overheid is  geen uitzondering, zo blijkt uit het eerdergenoemde rapport, want IT-dienstverleners krijgen geen ruimte om zelf met een geschikte oplossing te komen. Die maken op hun beurt regelmatig misbruik van die situatie door kostbare projecten te starten die gedoemd zijn om te mislukken. De overheid zou er goed aan doen om eens beter naar de markt te luisteren. We zien overal om ons heen hoe open source software steeds dominanter wordt op vrijwel elk IT-domein. Het internet draait grotendeels op open source Linux-servers, Android is wereldwijd het meest gebruikte besturingssysteem op smartphones, Hadoop is de standaard voor Big Data en OpenStackis hard op weg hét platform voor cloud-computing te worden. Waarom zou de overheid zich dan toch steeds weer verbinden aan gesloten software?

Beloften vooraf
Historisch gegroeide relaties met IT-leveranciers of een bijna religieuze keuze voor een bepaald softwarepakket zijn niet meer van deze tijd. Anno 2014 moet IT vooral flexibel en schaalbaar zijn en dat is precies waar open source software in uitblinkt. Met een open source product is het niet nodig om je eerst ‘in te kopen’ door middel van dure en ingewikkelde licentiemodellen. De software is in principe gratis, en je sluit een abonnement af voor  de ondersteuning. In zo’n model hebben beide partijen baat hij het succesvol maken van een project. Als het project immers is opgeleverd en goed functioneert, dan zijn de supportkosten voor de leverancier nihil en is de klant tevreden. Bij licentiegedreven softwareprojecten kan het juist heel lucratief zijn om projecten nodeloos te rekken. Vervolgens lopen de kosten hoog op voor de klant, die bovendien vastzit aan het product door de ingekochte licenties.

Transparantie en succes
Open source software biedt een uitstekend model voor grootschalige IT-projecten, zowel voor de overheid als andere organisaties. De nadruk ligt namelijk op ondersteuning in plaats van gebruikslicenties, en open source biedt daarnaast veel meer transparantie bij de samenwerking. Zo is de broncode van de geboden oplossingen bijvoorbeeld openbaar, waardoor er altijd een onafhankelijke audit van de code kan plaatsvinden. Deze openheid zorgt ervoor dat niemand zich kan onttrekken aan zijn verantwoordelijkheid en altijd borg moet staan voor de geleverde oplossing. Door die open broncode wordt ook voorkomen dat een partij door vendor lock-in ongewild vast zit aan een leverancier. Ik hoop dat de overheid inziet dat het geen zin heeft om vast te houden aan de software van de softwaredinosaurussen uit het verleden. Open source software heeft de toekomst en kan makkelijk concurreren met deze partijen. Een goed voorbeeld hiervan is te vinden in Gartners Magic Quadrant for Horizontal Portals. Open source software biedt de beste prijs/kwaliteitverhouding en meer transparantie. En dat zijn precies de essentiële elementen voor  succesvolle IT-projecten.

Deze blog verscheen ook op www.blogit.nl.

Drempels weg: online zorg-platform maakt indruk

Company Blogs 3 mars 2015 Par Ruud Kluivers Staff

 

Gelukkig is het niet alleen kommer en kwel in de zorg. Recent bleek dat innovatie wel degelijk mogelijk is als je maar visie en durf toont. JIP (Jouw Internet Portaal) is een unieke website die het internet toegankelijk maakt voor mensen met een verstandelijke beperking. JIP vormt zich als geen ander naar de wensen van gebruikers en is wat mij betreft een voorbeeld voor andere zorginstanties.

Overal in de zorg is men op zoek naar nieuwe technologische oplossingen om kosten te verlagen door middel van automatisering en self-service omgevingen. Er wordt daarbij veel gesproken over apps, maar zijn die wel de meest efficiënte oplossing? JIP werd ontwikkeld door de ’s Heeren Loo Zorggroep en de organisatie won er recent al de Intra.Net Award 2014 mee. Het is ook een opmerkelijk platform, omdat het geen app is, maar een voor aanraakbesturing geoptimaliseerde website. De omgeving is daardoor te gebruiken op zowel pc’s als tablets en bovendien te gebruiken door mensen met een verstandelijke beperking. Dat is ‘user experience’ op een hoog niveau en in een uiterst privacygevoelige sector als de zorg.

Geen techniek maar visie
Het nieuwe internetportaal JIP werd begin oktober gepresenteerd in het Rijksmuseum in Amsterdam. Circa 240 cliënten kregen hier de gelegenheid om onder begeleiding kennis te maken met de nieuwe webomgeving. Volgens ’s Heeren Loo is het een veilige omgeving, waarin deze mensen allerlei voor hen bestemde informatie kunnen zoeken en vinden. Je kunt dan denken aan instructies voor het gebruiken van een bankpas, maar ook aan spelletjes, nieuws of Youtube-video’s. Deze webomgeving wordt ingericht in overleg met de verwanten van de cliënten, waardoor het platform ook een zorghulpmiddel is. Volgens mij is dit een prachtig voorbeeld van een geïntegreerd platform, dat uiterst diverse doelgroepen in de zorgketen met elkaar laat samenwerken. Het opzetten ervan vereist visie, maar ook daadkracht om voor het meest geschikte platform te kiezen. Want hoeveel van dit soort portal-omgevingen zijn er in het verleden niet al tijdens de ontwikkeling roemloos ten onder gegaan?

Denken in platformen
Als je het hebt over innovatie in de zorg, dan lijkt het me dat de zorgbehoevenden daarbij centraal zouden moeten staan. Tijdens de presentatie van het JIP-platform werd dit me meer dan ooit duidelijk. Je kon zien hoe de gebruikers zichtbaar genoten van deze website, die hen op een veilige manier introduceerde met de online wereld. Met dank aan iets ogenschijnlijk simpels als een website kunnen ze nu actiever deelnemen aan de samenleving en hun sociale netwerk verbreden. En dit alles is geen losse app of geïsoleerde website, maar een onderdeel van een zorgplatform. Dat is denk ik de visie die meer zorginstanties zouden moeten nastreven: meer denken in platformen en minder in technologie. Lever diensten die aansluiten op je cliënten, maar doe dat op een geïntegreerde manier. In mijn visie dient technologie een nadrukkelijk doel te hebben, namelijk het verbeteren van de kwaliteit van leven. Daar wordt iedereen binnen en buiten de zorgketen beter van.

 

Deze blog verscheen ook op www.blogit.nl

Apps met zakelijke impact

Company Blogs 3 mars 2015 Par Ruud Kluivers Staff

Apps zijn veel meer dan enkel applicaties op de smartphone of tablet. In feite zijn het de bouwstenen van een community-gedreven platform. Apps zijn immers onderdeel van het softwareplatform en de vraag uit de gebruikersgemeenschap bepaalt of een app wel of niet wordt ontwikkeld. Dit gedachtengoed begint ook in de zakelijke IT steeds meer aanhang te krijgen.

De app-store heeft een behoorlijke revolutie veroorzaakt. Gebruikers konden hierdoor ineens op een gebruiksvriendelijke manier software installeren, en ontwikkelaars kregen een centraal platform om hun apps aan te bieden, te promoten en te updaten. Inmiddels tel je als softwareplatform zelfs niet meer mee als je geen geïntegreerde app-store hebt. Zeker voor mobiele platformen worden de waarde en het commerciële succes bepaald door de hoeveelheid beschikbare apps. Voor de ontwikkeling van zakelijke app-stores is dat niet anders. Gemeenschapsgevoel en marktwerking zijn bepalend voor het succes.

Zakelijke webportals
De toekomst van bedrijfs-IT is webgebaseerd. Om die reden zie je dat vrijwel alle bekende bedrijfssoftware momenteel wordt omgebouwd naar cloud-varianten. Helaas zijn deze producten maar zelden van hetzelfde niveau als hun niet-cloud-gebaseerde voorvaderen. Organisaties zitten daarom vaak vast aan hun verouderde bedrijfssoftware, die na jaren van maatwerkintegratie maar moeilijk te vervangen is. Dit is precies de reden dat webportals steeds populairder worden om allerlei bedrijfsapplicaties samen te brengen in een uniforme webgebaseerde omgeving. Dat is ideaal voor werknemers, maar ook voor de samenwerking met externe partijen. En je kunt hierdoor de bestaande bedrijfssoftware blijven gebruiken. Vroeger was het opbouwen van een dergelijke portal-omgeving vaak ontzettend kostbaar en arbeidsintensief. Tegenwoordig is de integratie van bedrijfsapplicaties in een portal echter een stuk eenvoudiger, onder andere door het gebruik van open standaarden en open API’s, maar in steeds grotere mate ook door apps!

App-gemeenschap
Ik spreek uit ervaring als ik zeg dat portal-projecten vandaag de dag veel sneller opgeleverd kunnen worden en bovendien een factor tien goedkoper zijn. Dit is met name te danken aan opensource-modellen, waarbij de klant niet betaalt voor licenties, maar voor ondersteuning. Hierdoor draait alles om de tevredenheid van de klant, omdat niets hem immers tegenhoudt om over te stappen op een ander, wellicht propriëtair, product. Door open standaarden te gebruiken, is maatwerkintegratie niet nodig, wat een implementatie aanzienlijk verkort. En dan is er natuurlijk de app-store. Bedrijven kunnen hiermee eenvoudig functionaliteit aan hun portal toevoegen en hun bedrijfsapplicaties integreren.
Apps zijn inmiddels zo ingebed in het bedrijfsleven dat steeds meer organisaties en overheidsinstanties overwegen om in net als onafhankelijke softwareontwikkelaars platform-apps te gaan ontwikkelen en deze aan anderen ter beschikking te stellen. Zo groeit de gemeenschap van bedrijven die begrijpen dat het geen zin heeft om alles zelf in eigen beheer te ontwikkelen. Door samen te werken en te delen, profiteert iedereen van elkaars inspanningen en blijft er meer geld over voor het ontwikkelen van unieke oplossingen voor de eigen business.

Deze blog verscheen ook op www.blogit.nl

Overheids-IT naar Engels voorbeeld

Company Blogs 3 mars 2015 Par Ruud Kluivers Staff

Onlangs bleek uit de E-Government Survey 2014 dat Nederland op de vijfde plaats staat bij de ontwikkeling van de e-overheid en elektronische dienstverlening. Deze positie in het VN-rapport klinkt op zichzelf niet slecht, maar in 2012 stonden we nog op de tweede plaats. Het onderzoek naar de ICT-projecten van de overheid is natuurlijk niet voor niets gaande. Ik zie echter goede kansen om ons belastinggeld beter te besteden en weer terug aan de top te komen.

Ik zal de laatste zijn die zegt dat Nederland achterloopt op IT-gebied. Integendeel. In 2013 had 95 procent van de huishoudens toegang tot internet, wat internationaal een zeer hoog gemiddelde is. Volgens het CBS bezocht ruim acht op de tien internetgebruikers van 12 tot 75 jaar in datzelfde jaar een website van de overheid, in de meeste gevallen voor hun belastingaangifte. Het gaat dus best goed met de digitale overheidsdienstverlening in Nederland, maar tegen welke prijs? Er zijn de laatste jaren enorme bedragen verspild aan mislukte IT-projecten. Hadden we dat geld niet beter kunnen besteden?

Dure consultants
Het onderzoek naar de ICT-projecten van de overheid heeft in bepaalde kringen best voor verontwaardiging gezorgd, maar voor mijn gevoel is dat nog lang niet genoeg. De overheid geeft in feite ons belastinggeld uit, maar blijkt hier in de praktijk bijzonder slordig mee om te gaan. Projecten worden veel te groot gemaakt, het is niet duidelijk wie de verantwoordelijkheid draagt en de beslissers hebben vaak te weinig IT-kennis.
Het gevolg is dat de overheid zich laat adviseren door dure consultants. Door hen en een leger aan ontwikkelaars en softwareleveranciers worden we vervolgens op hoge kosten gejaagd. Bovendien worden regelmatig dingen ontwikkeld waar de overheid geen eigenaar van is.

Ik vind het heel verfrissend om te zien hoe er in het Verenigd Koninkrijk invulling wordt gegeven aan de overheids-ICT. Daar wordt ondanks krimpende budgetten flink geïnnoveerd om aan de groeiende vraag vanuit de bevolking te voldoen. Een essentieel onderdeel daarvan is het initiatief uit september 2013 om open standaarden in te voeren (Open Standards Principles). Dit is bedoeld om de diverse en heterogene publieke sector beter te verbinden en de overheidsvisie van Digital by Default en een ‘digital self-service’-toekomst te realiseren.

Meer focus op open source en open standaarden zijn volgens mij ook voor Nederland noodzakelijk om voor lagere kosten een beter geïntegreerde overheidsdienstverlening te creëren. De Nederlandse burgers verwachten immers ook kwaliteit tegen acceptabele kosten.

Meer open source
Dit is het moment om actie te ondernemen. Er is namelijk veel beweging in de manier waarop de overheids-IT is ingericht. Gemeentes krijgen meer verantwoordelijkheden toegeschoven en zullen daardoor meer onderling en met externe partijen moeten samenwerken. Dat is een enorme uitdaging, zeker als je in beschouwing neemt dat er allerlei verschillende vaak gesloten systemen, databases en documentformaten worden gebruikt. Die beperking kan opgeheven worden als de overheid nu eens met de vuist op tafel zou slaan en het gebruik van open source software, open standaarden en open API’s verplicht zou stellen. Ook zou er veel meer samengewerkt moeten worden bij de ontwikkeling van allerlei functionaliteit door zowel de landelijke als gemeentelijke overheden. Hergebruik is immers veel goedkoper dan elke individuele gemeente zelf opnieuw het wiel te laten uitvinden. De overheid zou op deze manier minder van ons belastinggeld verspillen door te investeren in open systemen en platformen. Dat is volgens mij een model waar we allemaal achter kunnen staan.

Deze blog verscheen ok op blogit.nl

Klantcontact vraagt om een geïntegreerde aanpak

Company Blogs 3 mars 2015 Par Ruud Kluivers Staff

Iedere organisatie moet zowel online als offline de relaties met zijn klanten (klantcontact) en stakeholders onderhouden. Eigenlijk zou het niet van belang mogen zijn of die contactmomenten nu via de website, een mobiele app of telefonisch plaatsvinden. Toch blijken deze kanalen in de praktijk vaak gescheiden te zijn, waardoor een gewaardeerde klant onbedoeld een anonieme bezoeker kan worden.

Het goed inrichten en gebruiken van een CRM-oplossing is voor sommige bedrijven al een hele opgave. Een veel grotere uitdaging is echter om alle beschikbare kennis van relaties en klanten van een organisatie op een geïntegreerde manier te gebruiken. De reden is dat er tegenwoordig steeds meer manieren zijn waarop klanten contact hebben met bedrijven. Naast de telefonische helpdesk kunnen zij via social media, de website of zelfs via mobiele apps om aandacht vragen. Als dit echter gescheiden platformen zijn, zul je nooit een goed beeld krijgen van de echte status van de relatie met deze mensen.

Customer lifecycle management
Steeds belangrijker voor efficiënte bedrijfsvoering is customer lifecycle management en het onderhouden van een actieve en intieme relatie met stakeholders. We noemen dat ook welaudience engagement. Dat is een hele mond vol, maar eenvoudig gesteld behelst dit het meten van zoveel mogelijk cijfermatige klantgerelateerde gegevens over een langere periode, om daarmee de prestaties van een organisatie te analyseren. Het uiteindelijke doel is natuurlijk om klanten en stakeholders op een zo efficiënt mogelijke manier te helpen.
Om dit te realiseren worden alle data over klanten, diensten, marketingprocessen en meer bij elkaar gebracht in een beslissingsplatform, waarmee het hele proces van klantacquisitie, tot het cross- en upsellen en het behouden van klanten wordt gemonitord. Kortom: de complete levenscyclus van de relatie met de klant.
Dit klinkt misschien gecompliceerd, en dat is het in feite ook. Zeker als je na gaat dat de meeste bedrijven al de benodigde informatie hebben opgeslagen in gescheiden systemen. Hoe kunnen zij op een efficiënte manier al deze bedrijfsgegevens integreren in een uniforme omgeving om de klant zo goed mogelijk te bedienen?

Herken de klant
De voordelen van het bestuderen bedrijfsdata mogen duidelijk zijn. Het stelt bedrijven in staat om hun bedrijfsvoering te verbeteren en efficiënter te maken. Maar als je specifiek kijkt naar de relatie met klanten, dan draait alles om audience engagement. Hoe betrokken voelt een klant zich bij jouw organisatie? Voelt hij zich gewaardeerd en goed geholpen? Dat is namelijk essentieel voor bedrijven die hun customer relationship lifecycle management onder controle willen krijgen om hun klant beter te kunnen bedienen. De enige manier om er zeker van te zijn dat een klant altijd wordt herkend is door de volledige bedrijfsvoering van een organisatie samen te brengen in een webportal. Een volwaardig webplatform, waarin de interne en externe business worden verenigd en waarin alle communicatiekanalen samenkomen. De klant verwacht tegenwoordig immers dat hij langs al deze kanalen wordt herkend. Investeer daarom in een platform dat hier ondersteuning voor biedt. Een webportal dat kan meegroeien en meebewegen met toekomstige ontwikkelingen, maar vooral ook een platform dat open is en brede integratie biedt met de bestaande bedrijfssystemen. Met zo’n platform kan een klant altijd optimaal worden bediend en onderscheidt de organisatie zich op een positieve manier.

Deze blog verscheen ook op blogit.nl

Geeft rapport nieuwe impuls aan de overheids-IT?

General Blogs 16 juin 2014 Par Ruud Kluivers Staff

Nu het onderzoek van de ICT-commissie van de overheid is afgerond, wachten we op het rapport. Als burger en belastingbetaler kijk ik daar met veel belangstelling naar uit. Tijdens de hoorzittingen was veel kritiek te horen over het functioneren van de overheid op IT-gebied. Het kabinet wil nu een nationaal commissaris digitale overheid aanstellen om meer grip te krijgen op de digitalisering van de overheid. Dat is een goed begin, maar daarmee komt de overheid nog niet los uit de greep van softwareleveranciers en system integrators.

De IT-industrie heeft zijn eigen taal, doorspekt met Engelse termen, die voor niet-ingewijden soms lastig te volgen is. Dit werd pijnlijk duidelijk toen bij aanvang van het ICT-onderzoek Jan Renkema, voormalig hoogleraar Tekstkwaliteit, werd aangesteld om de teksten van IT’ers naar begrijpelijk Nederlands te vertalen.
Ik denk echter dat een vertaalslag het IT-beleid van de overheid niet overtuigend gaat verbeteren. Het probleem zit veel dieper, het is geen probleem van terminologie maar van fundamenteel verkeerde keuzes. De suggestie die Renkema deed in de NRC om terminologie als ‘vendor lock-in’ te vertalen naar ‘klantverslaving’ spreekt boekdelen. Vendor lock-in is juist één van de grootste problemen bij IT-projecten. Door vendor lock-in presteren de softwareleveranciers en hun implementatiepartners niet, of onvoldoende. De klant heeft immers geen keuze en kan geen kant op. Ik zie het gebruik van open source en keuzevrijheid als een belangrijk onderdeel van de oplossing. Moeten we die term vertroebelen door een nieuw woord te bedenken, in plaats van te investeren in kennis en begrip van IT en het open source model?

Open source en open standaarden
We weten inmiddels dankzij Elias dat grote IT-projecten bij de overheid falen, waardoor jaarlijks vier tot vijf miljard euro aan belastinggeld wordt verspild. Een van de opvallendste dingen die in het onderzoek naar voren kwamen, was dat de overheid in veel gevallen iets te gemakkelijk de inhoudelijke invulling van IT-projecten overdraagt aan externe partijen. Dat is heel begrijpelijk als je zelf de kennis ontbeert om mee te denken en ontwikkelen. Maar het resultaat is dat deze projecten ingevuld worden met het eigen en veelal propriëtaire productportfolio van de leverancier. Dit lokt corruptie en fraude uit, zoals ondernemer René Veldwijk voor de commissie stelde.

Maar bovenal het vendor lock-in als gevolg, naast het feit dat deze projecten regelmatig mislukken. Het resultaat is dus in veel gevallen een ondermaatse oplossing en daar bovenop zit je vast aan de leverancier van de gebruikte gesloten software. Had je in zo’n project het gebruik van open source software en open standaarden verplicht gesteld, dan was dit vermoedelijk niet gebeurd. Open source programmacode is immers vrij beschikbaar, en door open standaarden te gebruiken kunnen de ontwikkelde systemen probleemloos met elkaar informatie uitwisselen en samenwerken. Alle betrokkenen bij open source projecten kunnen niet anders dan hun stinkende best doen om de klant tevreden te stellen en te houden. Dat klinkt toch als een veel betere relatie voor alle partijen dan de verfoeide vendor lock-in en het spreekwoordelijke uitmelken van de klant.

Vermijd klantverslaving
Ik hoop van harte dat het rapport van de ICT-commissie goede, zinnige en uitvoerbare adviezen gaat opleveren. Bruikbare handvatten waarmee de digitalisering van de informatie en dienstverlening van de overheid verbeterd kan worden in het belang van alle burgers.
Ook hoop ik dat software- en systeemleveranciers niet langer de vrijheid krijgen om hun eigen ‘gesloten’ oplossingen aan de overheid te leveren. Daar wordt immers misbruik van gemaakt en de overheid worden er door gevangen gehouden in de relatie met de leverancier.

Om de nieuw ontwikkelde terminologie van de ICT-commissie te gebruiken: ik hoop dat de overheid na de publicatie van het rapport deze vorm van ‘klantverslaving’ gaat vermijden. Dwing je leveranciers om open standaarden te ondersteunen en te gebruiken. Stel open source bij de overheid verplicht, want dan houd je de controle over de IT-oplossingen die je ontwikkelt. Dat is een kostenefficiënt en herbruikbaar model voor softwareontwikkeling, waarmee je significant kosten bespaart en oplossingen krijgt met een aantoonbaar betere kwaliteit. Bovendien voorkom je dat instanties afzonderlijk van elkaar IT-functionaliteit gaan ontwikkelen, in plaats hun budgetten samen te besteden. Ik wens de nieuwe IT-commissaris van de overheid veel wijsheid en hoop dat hij ons belastinggeld besteedt aan oplossingen waar wij allemaal wijzer van worden.

Er is genoeg geld verdwenen in de zakken van de aandeelhouders van de closed-source softwareleveranciers en system integrators die verantwoordelijk zijn voor de falende projecten.

 

Deze blog verscheen eerder op blogit.nl

 

Apple’s iBeacon biedt kansen voor bedrijven

General Blogs 13 juin 2014 Par Ruud Kluivers Staff

Sinds de opkomst van de smartphone zijn er allerlei technieken bedacht om de echte met de virtuele wereld te verbinden. Denk aan QR-codes, NFC-chips en natuurlijk bluetooth. De nieuwe iBeacon-technologie van Apple is weliswaar een uitbreiding op bluetooth, maar wel een die een grote kans maakt om de harten van consumenten en bedrijven te veroveren. Reden temeer om de mogelijkheden alvast te verkennen.

Onze informatiebehoefte is groot en we willen bij voorkeur dat onze informatiehonger op een zo gebruiksvriendelijk mogelijke manier wordt gestild. Dat is waar iBeacon om de hoek komt kijken. Deze kleine zendertjes kunnen in winkels, binnen bedrijven, op de beursvloer of thuis worden geplaatst. Vervolgens kunnen ze ervoor zorgen dat mobiele apparaten die bij de iBeacon in de buurt komen automatisch informatie te zien krijgen die op deze locatie relevant is. Zo kun je in een museum meer informatie krijgen over een bepaald schilderij of in de supermarkt de laatste aanbiedingen ontvangen. Met de Epicurious recepten-app kun je in bepaalde supermarkten in de VS zelfs live zien welke ingrediënten die je nodig hebt voor je recept daar in het schap liggen. En dit is slechts het topje van de ijsberg.

In-store marketing
Voorheen gebruikte bluetooth te veel stroom om de hele dag te gebruiken. Inmiddels bestaat Bluetooth Low Energy (LE), waarop de iBeacon-techniek is gebaseerd. Dit verbruikt veel minder stroom, waardoor bluetooth in principe de hele dag en dagen achtereen kan aanstaan om de gebruiker van dienst te zijn. Op dit moment kun je in Nederland eigenlijk alleen nog maar met iBeacon kennismaken in de Apple Stores, maar ik vermoed dat dit snel gaat veranderen. Het is namelijk een uitstekende tool voor in-store marketing, voor algemene informatievoorziening, maar ook voor zaken als draadloos betalingsverkeer enhome automation. Dit maakt iBeacon ontzettend interessant voor bedrijven, maar hoe lang zal het duren voordat zij dit in hun bedrijfsplatform geïntegreerd hebben?

Snelle implementatie
Hoe snel nieuwe technologie als iBeacon door bedrijven kan worden geadopteerd, merkte ik onlangs bij de organisatie van een bedrijfsevenement. Onze community-manager ontdekte dat onze webportal op eenvoudige wijze ondersteuning  voor iBeacon kan bieden, en ging hier zonder enige voorkennis mee aan de slag. Hij wilde namelijk proberen de techniek in onze event-app te integreren. Normaliter zou dit een lang en kostbaar proces zijn met softwareontwikkelaars, integrators en testers. Hij kreeg het echter met enkele standaard tools binnen een paar weken voor elkaar. Het resultaat is dat onze partners en klanten op het event nu draadloos via iBeacon-informatie naar hun mobiele devices gestuurd krijgen. Live-updates van het programma, standhouderinformatie en er worden zelfs polls geïnitieerd via de event-app. Uiterst modern, razendsnel geïmplementeerd en met veel potentie voor de toekomst.

Mobiele integratie
Het wordt steeds meer duidelijk dat mobiele apparaten de desktop overschaduwen. Als bedrijf moet je daar op voorbereid zijn door een webplatform te gebruiken dat daarvoor is ingericht met mogelijkheden als ‘responsive design’ en sociaal samenwerken. Daarnaast moet het een flexibel platform zijn, zodat bedrijfsapplicaties en processen, maar ook nieuwe technieken als iBeacon, snel en eenvoudig geïntegreerd kunnen worden. Volgens mij is dat noodzakelijk om je als organisatie blijvend aan te kunnen passen aan de razendsnelle technologische ontwikkelingen. Doe snel ervaring op met nieuwe technologie als iBeacon, zodat je er als eerste van kunt profiteren.

Deze blog post verscheen eerder op www.blogit.nl

Sociaal intranet verhoogt de effectiviteit van organisaties

General Blogs 15 avril 2014 Par Ruud Kluivers Staff

Bijna elke organisatie heeft wel een website die wordt gebruikt als visitekaartje en nieuwskanaal voor de business. Ook een intranet is zeker bij grote organisaties redelijk standaard. Helaas wordt een intranet vaak hoofdzakelijk gebruikt voor het zenden van informatie. Dat is een gemiste kans, want door sociale mogelijkheden toe te voegen, kan de effectiviteit van een onderneming enorm vergroot worden.

In de online wereld kun je praktisch niet meer zonder sociale netwerken. Iedereen is zakelijk en privé vaak op minimaal twee platformen actief en gebruikt die om informatie te delen, te overleggen en om op de hoogte te blijven van de laatste ontwikkelingen. Het is niet zo vreemd dat deze sociale netwerken vaak ook voor werk worden gebruikt. Eigenlijk is dat zonde, want door medewerkers een sociaal intranet te geven kunnen ze veel beter met elkaar samenwerken en kennis delen, waardoor de organisatie effectiever gaat opereren.

Meer dan een smoelenboek
Een van de grootste problemen van traditionele intranet-omgevingen is dat ze vrij statisch zijn. Ze zijn in feite een website voor intern gebruik, waarmee vooral informatie wordt gedeeld, maar weinig mogelijkheden zijn voor interactie of samenwerken. Het omvormen van een bestaand intranet naar een moderner ‘social intranet’ is echter niet zo eenvoudig. Het is meer dan enkel wat buttons toevoegen om berichten te delen op de bekende sociale netwerken. Een sociaal intranet moet een uiterst flexibele omgeving zijn waarin gebruikers wiki’s kunnen bijhouden, documenten kunnen delen, forums kunnen opstarten, blogs kunnen publiceren en net als op Facebook en LinkedIn timeline-berichten met hun volgers kunnen delen. Dat is iets heel anders dan een ouderwets intranet met een digitaal smoelenboek en een plat overzicht van de laatste interne en externe nieuwsberichten.

Integratie met de business
Een sociaal intranet moet medewerkers in staat stellen om op een uiterst flexibele manier met elkaar te kunnen samenwerken en informatie uit te wisselen. Natuurlijk mogen nuttige zaken als een smoelenboek en een nieuwsoverzicht niet ontbreken, maar het moet in de eerste plaats gaan om interactie. Dit vereist een dynamisch platform, waarin de nodige koppelingen en integraties zijn gelegd met de bedrijfsdirectory, het crm-systeem en andere relevante bedrijfsapplicaties. Het platform moet immers onderdeel zijn van de organisatie en geen losse informatiesilo worden. Ook moeten  gebruikersrechten goed geregeld zijn om teamsites te kunnen opzetten voor bepaalde werknemers en toegang tot bepaalde informatie in te kunnen perken. Dit maakt een sociaal intranet duidelijk een stuk complexer dan een standaard intranet, maar de business-case is snel gemaakt als een organisatie de voordelen ervan ervaart.

Betrokkenheid en interactie
Een sociaal intranet is een logische evolutie van de ouderwetse variant. Het motiveert werknemers om betrokken te zijn bij hun organisatie, omdat ze in zo’n omgeving meer kunnen doen dan alleen informatie consumeren. Het geeft ze de middelen om hun interne sociale netwerk te informeren, om kennis te delen en overleg te voeren. En ook niet onbelangrijk: dit alles gebeurt in een veilige, door de werkgever gecontroleerde omgeving. Bedrijven die investeren in een sociaal intranet zullen merken dat het zorgt voor een grotere betrokkenheid bij de organisatie en effectievere samenwerking. Geef je medewerkers de middelen in handen die interactie bevorderen, dan bereik je binnen maanden veel meer dan jarenlang informatie zenden in een ouderwetse intranetomgeving.

 

 

Deze blog post verscheen eerder op www.blogit.nl

Websites zijn mobiele portalen tot je business

General Blogs 15 avril 2014 Par Ruud Kluivers Staff

In e-commerce is de term ‘responsive design’ al een tijdje in zwang. De meeste online marketeers zijn er intussen van overtuigd dat de conversie van een webshop (ofwel: in welke mate een bezoek wordt afgesloten met een transactie) direct afhankelijk is van de mate waarin een webshop zich aanpast aan mobiele devices. Dit heeft grote gevolgen voor elk bedrijf dat potentiële klanten wil bereiken via zijn webplatform.

Volgens cijfers van ISM eCompany werd in de eerste helft van 2013 al 14,3 procent van alle online transacties van hun klanten gedaan via smartphone of tablet. Het aantal transacties via een desktop nam in de eerste helft van 2013 met 9 procent af ten opzichte van diezelfde periode een jaar eerder. Dat zegt veel over de bereidheid van Nederlanders om online te winkelen via een mobiele apparaat. En nee, dat is niet alleen van belang voor online retailers. Ook voor websites die niet voor directe verkoop worden gebruikt, is het van groot belang rekening te houden met de apparaten die bezoekers gebruiken. Volgens ISM eCompany komt 30 procent van alle websitebezoeken al via mobiele devices, en dat percentage loopt de komende jaren snel op.

Optimale ervaring
De cijfers uit de e-commercewereld liegen er niet om. Mobiel websitebezoek groeit wereldwijd met de dag en zal op een zeker moment de desktop overschaduwen. Voor elk bedrijf is de website de toegangspoort tot de organisatie en daarnaast zie je dat steeds meer organisaties commerciële activiteiten ontplooien via hun webplatform. Maar of je nu medewerkers en klanten informeert of informatie geeft over complexe IT-oplossingen, bezoekers verwachten een optimale gebruikerservaring voorgeschoteld te krijgen. Door websites te voorzien van responsive design, krijgt een potentiële klant of medewerker automatisch de optimale versie van de website te zien. Een high-res visuele ervaring voor tablets, een compacte versie voor smartphones en een volledige variant voor bezoekers die via hun laptop of pc komen.

Universeel platform
Een goed voorbeeld van een bedrijf dat zijn website geoptimaliseerd heeft voor mobiele devices en al vrij snel responsive design toepaste, is One World. Tot deze luchtvaartconglomeratie behoren onder meer American Airlines, British Airways, Cathay Pacific en Iberia. De website fungeert als webshop voor vliegtickets van al deze maatschappijen en is daarnaast het informatiekanaal van de vier partijen. Zo is het momenteel een van de officiële websites die informatie publiceert over de vermiste Malaysia Airlines vlucht MH370. Naast de commerciële rol van een webshop moet One World dus ook voor nieuwsvoorziening toegankelijk zijn voor allerlei mobiele apparaten. De bezoeker krijgt automatisch de informatie gepresenteerd met een gebruikerservaring die aansluit op het apparaat dat hij gebruikt. Binnen milliseconden wordt dit herkend en past de website zich aan.

CMS of portal
Het is tegenwoordig relatief makkelijk om zakelijke websites door middel van responsive design ‘mobile ready’ te maken met behulp van een goede enterprise portal. Een portal is veel flexibeler dan een standaard CMS en biedt brede integratiemogelijkheden, opties voor zowel websites, intranets of extranets en bovendien wordt responsive design in zo’n platform voor al deze doelgroepen out-of-the-box ondersteund. De tijd is voorbij dat bedrijven jarenlang een statische website konden onderhouden, zonder dat dit commerciële gevolgen had. Een enterprise portal biedt de flexibiliteit die hedendaagse organisaties nodig hebben om snel te kunnen meebewegen met de markt. Het vereist echter wel dat bedrijven investeren in een platform dat hen voorziet van flexibele integratiemogelijkheden met hun back-end systemen, social media-ondersteuning en (mobiel) gebruiksgemak. Die investering is het in mijn ogen dubbel en dwars waard, want zonder een mobiele toegangspoort tot je organisatie, komen potentiële klanten geheid bij je concurrenten terecht.

 

Deze blog post verscheen eerder ook op www.blogit.nl

Stop Abusing Our Inboxes, Let's Go Social!

General Blogs 21 août 2013 Par Ruud Kluivers Staff

We are drowning in a sea of email messages. Don't get me wrong I like email and can't do without. Email is great, it's quick, cheap, conveniently low threshold. Apparently it's a little bit to convenient for the sender, but when you are at the receiving end email becomes a monster that is getting harder and harder to control.  

Increasingly my inbox is overflowing with messages that don't belong there and I bet so is yours. So let's stop abusing email.

How? Easy!

1) Every message that you wouldn't put in an envelop you shouldn't email either. 

2) Don't polute the receivers inbox, like magic your inbox will start to shrink too.

3) Don't email documents, they replicate over and over and take up valuable storage space, instead publish documents in a repository and point your co-workers, if you must, to the location.

4) Anything that warrants a group discussion moves to a 'discussion forum'.

5) If you want to comment you are welcome, but please don't comment emails.

5) If you have a need to inform more than one person at a time about the same subject put the announcement up on a wall. This also frees you from 'forgetting' to inform a specific person.

6) Everything that's not confidential should be available to your peers, in a forum, wiki, knowledge base etc.

7) Email is not for discussions nor comments.

8) Don't hit 'Reply All' without evaluating the points above.

Seriously we need to change our behaviour for the reasons stated above but also because we need to tap into the collective knowlegde of our co-workers. Organisations cannot afford to have information and knowledge locked up in personal email inboxes and 'private' email exchanges.

We all know that email is broken. So the first thing to do is you are serious about cutting down email is to deploy Social Office!

Social Office is your saviour, it has a low threshold for peers to work together. Social Offiuce delivers instantly a repository for documents, discussion forum, wiki, blog, announcement 'wall', activity stream, chat box  and last but not least an availablility indicator. I invite you to do yourself and your co-workers a favour and check out Social Office. 

 

 

Open Data, a New Opportunity for the 'information' Industry?

Company Blogs 2 juillet 2013 Par Ruud Kluivers Staff

This is an adaptation of a blog I wrote for Wolters Kluwer March 2011.

Everyone knows that data and information are subtly different things. Data is worthless unless it can be turned into information. General consensus says that data turns into information when it is analyzed, interpreted, enriched, redacted, linked etc. The moment data is touched by one of these processes, value is added and magically raw data becomes meaningful, and in the right context it can be extremely valuable too. Obviously those who manages to get access to, or produces raw data and masters the process of adding value, can build a business simply because people and their organisations are willing to pay for access to information at the right time and in the right format.

In the old days, before the world wide web, it used to be quite difficult and at times expensive to acquire and/or secure access to data. Still a number of companies mastered this very successfully. Additionally they were able to add value to the data, put it into a context and publish and distribute this information, and in most cases make it available for a (hefty) fee. For lack of a better word, we could call companies that build a business around these processes 'publishing companies'. Come to think of it some of the publishing companies were quite successful and mastered this process close to perfection while making a nice profit on the side.

Fast forward to today and take a look at your local record store, travel agent, insurance company, telecom operator, local news paper, trade journal, special interest magazine etc. do you notice anything? Disruption is happening due to the proliferation of the internet and business models are impacted all over the place. It is quite obvious that the publishing / media industry is not immune to this disruption phenomenon! Publishing companies are desperately seeking new business models, replacing their information = ink on dead trees models. I would argue they need to build platforms and bring high quality, granular services to market.  

Level playing field
It is a shown over and over again the internet takes down barriers of entry and drives transparency; it unlocks things that were difficult to get to, like for instance, government data. Without a doubt many publishing companies build a viable business on government data because they mastered the process of adding value, acquiring, and distributing the data. Chances are that the playing field will change in the not-too-distant future for a very simple reason: data will become more open and thus accessible to whoever wants to ‘play’ with it. To get you thinking about this I invite you to watch Tim Berners-Lee 2009 Ted presentation The Next Web of Open Linked Data. 

Open data all around
‘Open data’ is all information that is gathered and/or produced by government bodies and is available for re-use. The reasoning is that if it is produced and paid for with tax payers’ money there’s no justification to restrict access to it. There’s only one exception – data made available should not violate a person’s privacy. The nice thing about open data is that it is usually available conveniently in digital format and can be read by a computer. More and more municipalities  i.e. local governments decide to go open data as much as possible. Challenging developper to come up with services and apps that make use of this data. Interestingly, making money is allowed by cleverly using the open data in an App or a service; however no one will be allowed to have a monopoly on the data.

Challenge

Replicating what’s already available online in digital format by moving it to paper doesn’t make a lot of sense. This will force publishers, those who don’t add a lot of value to the raw material, to rethink their business models. Where is and what is the value add? This question should be on every publishers mind. What is the service you can provide that makes you stand out from the competition, which skills and platforms do you need? I can answer the platform question firmly and easily, Liferay Enterprise Portal has all the building blocks, so that is one less issue to worry about.

 

 

Is free of charge worth it?

Company Blogs 1 juillet 2013 Par Ruud Kluivers Staff

 

Twenty years ago, June 1993, Adobe introduced its Acrobat software for creating and viewing electronic documents. I was one of the ‘lucky’ IT journalists to be invited by Adobe’s PR agency to attend the press conference in London. Remember this was before internet, the world wide web and MS Windows were well known. It was not unusual to fly around Europe and spend the better part of a day to attend a press conference that lasted less than an hour and a half. John Warnock, one of Adobe’s founders, introduced Acrobat, he painted a future where exchanging and distributing information was seemless due to the ‘portable document format’. 

 

It was clear during the presentation that Adobe’s ambition was to set a standard with Acrobat and the PDF file format just as they had done with Postscript, digital typefaces and thus kickstarted the Desktop Publising Revolution. The ambition was nothing short of fullfilling the promise of the 'paperless office'?

 

Acrobat 1.0 was orginally only available for the Apple Macintosh. Apart from the full fledged Acrobat application Adobe also introduced a small application by the name of Acrobat Reader. At the time there were no other applications that could read, create and/or edit the PDF format. Adobe had choosen to price Acrobat Reader at $50 per user.

 

After the press conference I asked Mr. Warnock if Adobe had considered to make Acrobat Reader available for free, my reasoning was that to speed up adoption of Acrobat and the PDF format the consumer shouldn’t be restricted. Mr. Warnock answered that Adobe had considered this but that they had came to the conclusion “ Software that is free of charge is worth what you pay for it”! While nowadays Portable Document Format (PDF) is known as an open standard for document exchange. The file format is used for representing two-dimensional documents in a manner independent of the application software, hardware, and operating system. That wasn’t the case when Adobe introduces it.

In hindsight we can conclude that the initial slow adoption of PDF as a standard was due to the $50 price tag of Acrobat Reader and thus the failure of Adobe's senior management to see the bigger picture. It was only after Reader became available free of charge that the true value of the PDF format was unlocked.

 

For a technology and/or platform to florish it is essential there are as little restrictions as possible that could hamper the adoption. Creating value is not about making a quick buck it is about giving, free of charge.

Affichage de 16 résultat(s).
Items 20
de 1